Drollen zijn bedrog

Van Wikibrónne
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Steeds als ik weer moet plassen
Dan wordt de luier een klein beetje natter
Luiers, je laat ze vol lopen
Met je billen die altijd glimmen
Je kunt de containers vol proppen
Maar de luiers worden er toch uitgetrokken
En als je kijkt ligt de Kapelstraat vohoool

Van dat gezeik, krieg ik de schijt.
Alle luiers zien ien de Kapelstroat geneijt.
Ik ruuk miene zeik en zie mienen drol
‘t is miene luier en den zit vol.
En ok prins Bassie griept nie ien
Want die durpsroad van 11, loat zich dan nie zien.

Wanneer is dat afgelopen
Die luiers op straat, het is toch bezopen
‘k Zal de knikkerpliesie bellen
Als die maar komen, t zijn niet zo’n snelle
Met Jan en André voorop zal de jeugd het wel laten,
ze krijgen op hun kop
want die witte helmen nemen die vlegels mee

Wij zullen luiers vol schijten.
Want als je moet kun je dat niet vermijden
En als je stinkt, stinkt de Kapelstraat meeheeee

Je ruikt eraan en trekt hem uit.
Eén keer in de week puilt de container uit.